[Lees meer]

" />
Register
  • Registreren

  • Schending van geheimhouding in mediation kan duur komen te staan.

    Schending van geheimhouding in mediation kan duur komen te staan.

     

    Vertrouwelijkheid is één van de belangrijkste aspecten in een mediation. Daarom is wederzijdse geheimhouding essentieel. In het intakegesprek bij de mediation is dit vaak een bron van discussie (wat mag wel en wat mag niet) en in een gerechtelijke procedure wil één van beide partijen nog wel eens ‘lekken’. Wat mag nu wel en wat mag niet?

     

    Doel van geheimhouding

    De geheimhoudingsplicht dient als waarborg voor het vrijuit kunnen spreken van partijen tijdens de mediation, zonder het risico te lopen dat de informatie, die tijdens mediation aan bod komt, voor een ander doel wordt gebruikt dan de bedoeling is. De informatie verkregen tijdens de mediation mag niet met anderen dan de deelnemers aan de mediation gedeeld worden en deze gegevens mogen niet in een eventuele gerechtelijke procedure worden gebruikt.

     

    Juist in conflicten vertrouwt men elkaar niet of nauwelijks meer. In de mediation wordt aan het herstel van vertrouwen gewerkt. Dit kan enkel in een veilige omgeving, waarin de geheimhouding goed is gewaarborgd.

     

    Vastlegging geheimhouding

    Er bestaat geen wettelijke geheimhoudingsplicht in mediations. Daarom moet deze geheimhoudingsplicht opgenomen worden in de mediationovereenkomst.

     

    De geheimhoudingsplicht geldt voor allen die betrokken zijn bij de mediation. Ook advocaten of ingeschakelde deskundigen kunnen hieronder vallen. Indien zij de mediationovereenkomst niet hebben ondertekend, dienen zij een afzonderlijke geheimhoudingsverklaring te ondertekenen.

     

    Tussentijdse verslagen in de mediation vallen onder de geheimhouding, tenzij uitdrukkelijk anders wordt overeengekomen. De uiteindelijke vaststellingsovereenkomst (resultaat van de mediation) valt niet onder de geheimhouding. Als men deze geheimhouding desondanks wenst, dient dat specifiek in de vaststellingsovereenkomst opgenomen te worden.

     

    Gerechtelijke procedure

    Als de mediation is mislukt en er wordt alsnog een procedure bij de rechter gevoerd, dan rijst de vraag of de geheimhouding stand houdt. Enerzijds geldt de tussen partijen overeengekomen geheimhoudingsplicht en anderzijds geldt de in het artikel 21 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering opgenomen verplichting voor de procespartijen om alle van belang zijde feiten volledig en naar waarheid aan te voeren. Het is aan de rechter om in het concrete geval een afweging te maken tussen het belang van de waarheidsvinding en het belang van de vertrouwelijkheid van mediation anderzijds.

     

    Een mediator heeft geen verschoningsrecht, zoals een advocaat of arts dat wel heeft. De mediator mag zich in een gerechtelijke procedure niet verschuilen achter zijn beroep om geheime informatie niet met derden te delen. Indien een mediator als getuige wordt opgeroepen in een procedure, zal de rechter ook in die situatie moeten afwegen of het belang van de waarheidsvinding zwaarder weegt dan het belang van de vertrouwelijkheid in de mediation.

     

    Uit de jurisprudentie blijkt dat de rechter vooralsnog de vertrouwelijkheid in de mediation laat prevaleren. Partijen hebben hier immers bewust voor gekozen en hebben daardoor zelf bewust het risico genomen dat bepaalde feiten niet bewijsbaar zijn.

     

    Kantonrechter Alkmaar

    De rechter lijkt het lekken van informatie uit een mediation zelfs af te straffen. Zo heeft een kantonrechter in Alkmaar al enige tijd geleden in een dergelijke situatie de werkgever in het nadeel gesteld. In die zaak vond een mediation plaats, waarin volgens de werkgever de werknemer feitelijk had ingestemd met een beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Deze werknemer wilde echter de vaststellingsovereenkomst niet tekenen. De werkgever had daarom alsnog een verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst bij de kantonrechter ingediend.

     

    De kantonrechter stelde vast dat de werknemer niet gehouden kon worden aan enige uitlating of gedraging van de werknemer in de mediation. Er was immers uitdrukkelijk geheimhouding in de mediatonovereenkomst overeengekomen en tevens dat een eventuele vaststellingsovereenkomst pas van kracht was na ondertekening daarvan. De kantonrechter wees het ontbindingsverzoek af. Daarmee lijkt het erop dat de rechter de schending van de geheimhouding flink heeft willen afstraffen, omdat de kantonrechter er ook voor had kunnen kiezen de arbeidsovereenkomst wel te ontbinden, maar dan onder toekenning van een hoge(re) vergoeding aan de werknemer.

     

    Deze uitspraak maakt het duidelijk dat de werkgever en werknemer zich goed moeten beseffen, dat het lekken van informatie uit de mediation uiteindelijk duur kan komen te staan.

     

    Delissen Martens

    Bij Delissen Martens zijn Petra Slingenberg-Beishuizen,Marc DelissenenMerienke Zwaanactief werkzaam als mediator (NMI geregistreerd). Zij zijn niet alleen werkzaam op het gebied van arbeidsconflicten, maar ook op het gebied van ondernemings-, familie- of sportgerelateerde conflicten. De juridische en advocatuurlijke kennis, die de mediators in huis hebben, komt daarbij goed van pas.

     

    Indien u naar aanleiding van dit artikel vragen of opmerkingen heeft kunt u zich richten tot Merienke Zwaan(zwaan@delissenmartens.nl).

     

    www.delissenmartens.nl

    Reacties

    1. Wat is het LJN-nummer van de uitspraak van de Kantonrechter Alkmaar?

    2. Beste Harald,

      Het LJN nummer is AX7731. De zaak is gepubliceerd in JAR 2006/121.

      Met vriendelijke groet,
      Merienke

    Laat wat van je horen

    Ads by Google
    x