Register Registreren

Familieverhoudingen maken de arbeidsverhouding bijzonder

Nederland kent een groot aantal familiebedrijven. In het arrest van het Gerechtshof Den Bosch van 3 februari 2015 stond de beëindiging van een arbeidsovereenkomst waarbij werknemer in dienst was bij de onderneming van zijn broer centraal.

De werknemer was vanaf 1965 werkzaam bij deze onderneming, een bedrijf dat zich bezighield met het beheer van verhuurd vastgoed en het beheren van een assurantieportefeuille. De werknemer en de broer verrichtten decennia lang op gelijke voet werkzaamheden ten behoeve van de onderneming. In november 2011 kreeg de broer van werknemer een hersenbloeding, waardoor hij zijn werkzaamheden niet meer kon uitvoeren. Werknemer, die al procuratiehouder was, nam vervolgens het feitelijke bestuur op zich. Nadat de broer van de werknemer in maart 2012 overleed, werd diens dochter benoemd tot bestuurder. De dag na deze benoeming stelde de onderneming werknemer op non-actief, met behoud van salaris. Werknemer en de erven hebben daarna onderhandeld over de verdeling van de aandelen van de overleden broer. Deze onderhandelingen hebben geen resultaat opgeleverd.

Nadat werknemer op non-actief is gesteld, heeft hij zich ziek gemeld. Met ingang van 1 november 2012 heeft de werkgever, met toestemming van het UWV Werkbedrijf, de arbeidsovereenkomst met werknemer opgezegd wegens bedrijfssluiting. Werknemer heeft deze opzegging vernietigd met een beroep op het opzegverbod tijdens ziekte.

In september 2012 heeft de dochter de administratie opgevraagd bij werknemer, omdat het kantoor van werkgever gehuisd was in een kantoorpand waarvan werknemer eigenaar was. Toen de dochter enkele dagen later de administratie kwam ophalen, waren alle vertrekken van het kantoorpand ontruimd en was de administratie verdwenen. Werkgever heeft daarop de werknemer op staande voet ontslagen.

In hoger beroep geeft het Gerechtshof eerst aan dat de non-actiefstelling van werknemer, niet in strijd is met het beginsel van goed werkgeverschap omdat dit met behoud van loon gebeurde. Dat de werkgever geen reden noemde voor de non-actiefstelling doet hier niet aan af vanwege de bijzondere omstandigheden van het geval. Het moest de werknemer, gelet op de verstoorde familieverhoudingen, duidelijk zijn dat de dochter de vrije hand wilde hebben bij de uitvoering van haar bestuurderstaken.

Vervolgens onderzoekt het Gerechtshof of het ontslag op staande voet rechtsgeldig is gegeven. Ook hier speelt de familieverhouding een belangrijke rol. Het Hof oordeelt dat het ontslag op staande voet geen stand houdt. Hoewel het Gerechtshof het ontruimen van het kantoorpand door werknemer kwalijk en ongepast vindt, rechtvaardigt dit geen ontslag op staande voet. Tegen de achtergrond van de gebrouilleerde familieverhoudingen had de werkgever moeten begrijpen dat het ging om een onbezonnen daad van de werknemer als reactie op de non-actiefstelling. De werkgever had werknemer daarom eerst moeten sommeren de ontruiming terug te draaien, alvorens hem op staande voet te slaan.

Tot slot komt het Gerechtshof toe aan de vraag of de werkgever de arbeidsovereenkomst met de werknemer wel had mogen opzeggen. Nu het opzegverbod bij ziekte niet geldt bij een bedrijfssluiting is de opzegging van de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig. Het Hof acht de opzegging wel kennelijk onredelijk omdat voor werknemer geen voorziening is getroffen om de gevolgen voor het beëindigen van de arbeidsovereenkomst te verzachten. Als genoegdoening wijst het Gerechtshof een ontslagvergoeding toe van EUR 75.000,- bruto, dit is ongeveer tweeënhalf jaar salaris.

Uit het arrest blijkt dat familieverhoudingen de arbeidsverhouding tussen de werknemer en werkgever bijzonder maken. In deze casus speelt de familierelatie een belangrijke rol bij de op non-actiefstelling en de beëindiging van de arbeidsovereenkomst.

Speak Your Mind

Ads by Google
x